Schachtenmeester

Schachtenmeester

Alias: onbekend/ongebruikt begrip, maar in historische/hedendaagse context: Dominus (m) / Domina (v) servorum (Meester van de dieners/slaven)
Rol: De Schachtenmeester dient zich te ontfermen over zijn/haar leden die zich willen dopen. Daarbij is hij/zij de persoon die de Doop in goede banen leidt en ook voorbereidt.
Mandaat: 1 Academiejaar

Interpretatie: Deze functie is meerledig, in die zin dat ze alsmede de schachten/porren dienen te dopen en zodoende als ‘Meester’ dienen aangesproken te worden, maar ze dienen ook als steun voor de schachten/porren die vaak nog jong en onbezonnen zijn. Verder heeft de schachtenmeester een bijzondere functie in het Cantus gebeuren (zie Cantus). De Schachtenmeester organiseert dus de doop, staat in voor het goede verloop ervan, kan daarbij Schachtentemmers aanstellen om zijn taak te verlichten, Daarbuiten is de Schachtenmeester ook een steun en toeverlaat voor de Schachten zolang ze nog geen volwaardige Commilito zijn en vervult een specifieke taak bij Cantussen.

Rechten: De Schachtenmeester heeft het recht om de Commilitones (= kameraden, leden – enkelvoud: Commilito) in wording, te onderwerpen aan een doop om de zodoende de nieuwe schachten/porren in zekere mate te laten werken voor hun doop en latere ontgroening. In het praesidium heeft de Schachtenmeester te verantwoorden aan de Praeses maar kan op vergaderingen en besprekingen waardevolle elementen aanbrengen om dopen hard doch aangenaam te maken.
Plichten: De Schachtenmeester ontfermt zich over de doop en de schachten maar dient bovenal rekening te houden met de machtspositie die hij daarbij bekleed. Een doop is een vrijwillige en tijdelijke (‘volledige’) overgave vanwege schachten/porren aan een club om hun trouw te bewijzen. Deze dient niet te gebruikt te worden als een militaire oefening met gebruiken als kaalscheren, mensonterende toestanden of toedienen van verwondingen. Schachten kiezen immers voor een club uit vrije wil en worden niet betaald hiervoor. Experimenten als Stanford Prison, Asch en Milgram toonden reeds aan dat het eigen is aan specifieke menselijke persoonlijkheden om in bepaalde omstandigheden zichzelf verliezen of zichzelf over geven aan het groep gebeuren, hoewel daarbij de menswaardigheid getart wordt. Dat impliceert dus dat de Schacht of Por dient af te zien maar ook het plezier ervan moet kunnen inzien. Het devies luidt dus: Een doop en ontgroening dient hard maar rechtvaardig te verlopen.

Oorsprong: Een Schachtenmeester als functie kent zowel vroeger als nu veel gelijkenissen met andere gebruiken. De vrouw des huizes stond bij de Romeinen in voor de Slaven die voor het onderhoud instonden. In huis was zij de baas gezien de man altijd van huis was, om te werken of zich op het Forum te begeven om tussen het volk te zijn. In hedendaagse context kent de Hindoe cultuur nog altijd deze gewoonte. Welgestelden kunnen werkkrachten in huis hebben die wel menswaardig worden behandeld maar toch slaafs zijn gezien ze enkel het onderhoud van hun meesters doen. Deze ‘slaven’ kennen vaak een lagere opleiding, zijn veelal straatarm als ze niet beloond worden door hun meesters, worden niet geheel gelijkgesteld aan anderen (zie Kasten-systeem) en wonen in, zoals bij de Romeinen, in het huis van zijn/haar meester.

Een ander voorbeeld vindt men in de gelijkenissen van Studentendopen met andere gerelateerde ‘dopen’. Nieuwe militairen worden vaak informeel ‘gedoopt’ door hun oversten, een andere vorm dan weer: bij promotie wordt de nieuwe rang soms met de spelt waarmee je die kan bevestigen op je outfit, bij wijze van traditie, ingeslagen op de schouder van promovendus als een duimspijker. Wat resulteerde in 2 kleine wondjes, erna wordt deze rang natuurlijk op normale wijze bevestigd op het schouderstuk of hals van de militair zijn/haar outfit. Het Leger is bij uitstek een gemakkelijke inspiratiebron om dergelijke formele of informele tradities van ‘dopen’ aan te tonen gezien traditie en hiërarchie eigen zijn aan Defensie. Maar ook op sociaal vlak in groepsgebeuren zijn talloze voorbeelden te vinden van nieuwkomers die hun loyaliteit dienen te bewijzen voor de groep.

Evaluatie: Een schachtenmeester staat onder de Praeses en wordt geëvalueerd op basis van zijn/haar omgang met de nieuwe Schachten/Porren alsook de voorbereiding van de Doop alsook het verloop van de Doop zelf. Zoals beschreven staat bij de Rechten en Plichten van de functie.